RAPPORT OVER DE OPVOLGING VAN DE POSITIEVE MAMMOTESTEN IN 2007

Het volledige rapport kan hier geraadpleegd worden.

Elk jaar beoordelen wij het opsporingsprogramma van het Brussels Gewest op basis van de indicatoren aanbevolen door de Europese Unie.

Om deze indicatoren te bekomen, moeten we de resultaten van de aanvullende onderzoeken na  positieve mammotesten verzamelen. Als een kanker wordt bevestigd (bij ongeveer 15% van de positieve mammotesten) registreren wij de voornaamste kenmerken van de tumor.

Om deze informatie te bekomen, vragen wij de medewerking van de opsporingseenheden en de huisartsen. In 87,5 % van de gevallen wordt de informatie verkregen. In 5,4% van de gevallen konden we de verwijzende arts niet bereiken. In 4,5% van de gevallen werd gemeld dat men de vrouw uit het oog verloren was. In 2,2 % van de gevallen weigerde de vrouw aanvullende onderzoeken.

Door de indicatoren met de Europese aanbevelingen te vergelijken kan men besluiten dat het opsporingsprogramma van Brussel goed werkt.  De termijn tussen de resultaten van de mammotest en het eerste aanvullende onderzoek is echter te lang.

Samenvatting van de gegevens voor het jaar 2007

4.732 Brusselse vrouwen ondergingen een mammotest.

224 mammotesten waren positief: het trefpercentage voor aanvullende onderzoeken bedroeg 4,73 % (224/4.732)

33 kankers werden opgespoord: het opsporingspercentage bedraagt 7 kankers op duizend onderzochte vrouwen (33/4.732)

De positief voorspellende waarde - waarschijnlijkheid van kanker als de mammotest positief is - bedraagt  14,7 % (33/224)

Het aantal invasieve tumoren bij de opgespoorde kankers bedraagt 78,8 % (26/33). De EU-norm is: 80-90 %.

Het aantal gevallen met niet getroffen ganglia bij de invasieve tumoren bedraagt 80,8 % (21/26). De EU-norm is: > 75 %.

Het aantal tumoren  kleiner dan of gelijk aan 10 mm bij de invasieve tumoren bedraagt 53,85 % (14/26). De EU-norm is: > 30 %

Het aantal tumoren kleiner dan 15 mm bij de invasieve tumoren bedraagt 65,38% (17/26). De EU-norm is: > 50 %.

De mediane termijn tussen de tweede interpretatie en het eerste aanvullende onderzoek bedraagt 31 dagen (in 65 % van de gevallen is de  informatie niet beschikbaar). De EU-norm is: 5 werkdagen